ECLI:NL:RVS:2022:1768
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- W.D.M. Diepenbeek
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen uitwerkingsplan bouw Steenbrugge fase 2 te Deventer
Het college van burgemeester en wethouders van Deventer stelde op 21 september 2021 het uitwerkingsplan 'Chw Steenbrugge 2e uitwerking' vast, dat voorziet in de bouw van 795 woningen in de tweede fase van de wijk Steenbrugge. Appellanten, wonend op een perceel grenzend aan het plangebied, voerden aan dat het college onvoldoende met hen had gecommuniceerd en dat het plan onomkeerbare schade zou veroorzaken door tekortkomingen in stikstofberekening, fauna-onderzoek, waterhuishouding en belangenafweging.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat appellanten geen nieuwe beroepsgronden hadden aangevoerd en dat hun eerdere zienswijzen reeds hun zorgen over het woon- en leefklimaat omvatten. De communicatie was voldoende, en de stikstofberekening werd niet inhoudelijk beoordeeld wegens het relativiteitsvereiste. Het fauna-onderzoek, inclusief steenuilenonderzoek, was adequaat en de maatregelen voor behoud van foerageergebied waren passend.
Ten aanzien van waterhuishouding bleek uit het waterhuishoudingsplan dat de afwatering via bovengrondse wadi's en zo nodig ondergrondse infiltratie- en transportriool adequaat was geregeld, zonder risico op wateroverlast voor appellanten. De belangenafweging was in overeenstemming met de uitwerkingsregels en liet geen ruimte voor een andere beoordeling. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het college hoefde geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep tegen het uitwerkingsplan Steenbrugge fase 2 is ongegrond verklaard.