ECLI:NL:RVS:2022:1987
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- B.P.M. van Ravels
- J. Gundelach
- C.H. Bangma
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdheid Afdeling bestuursrechtspraak inzake gedoogplicht windturbine Wieringermeer
De minister van Infrastructuur en Waterstaat legde aan appellant een plicht op tot het gedogen van de aanleg en instandhouding van windturbine NB-02 en een parkweg binnen het windpark Wieringermeer. Appellant stelde beroep in tegen dit besluit. De Afdeling bestuursrechtspraak moest beoordelen of zij bevoegd was om van het beroep kennis te nemen.
De Afdeling concludeerde dat de gedoogplicht niet noodzakelijk is ter uitvoering van een besluit als bedoeld in artikel 3.35, eerste lid, onder b, van de Wet ruimtelijke ordening, omdat de wijziging van de locatie van de windturbine niet onder de oorspronkelijke omgevingsvergunning valt. Hierdoor is de Afdeling niet bevoegd om het beroep inhoudelijk te behandelen.
De Afdeling oordeelde dat het beroep doorgezonden moet worden naar de rechtbank Noord-Holland. Tevens werd de minister veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van appellant en werd het betaalde griffierecht terugbetaald. De uitspraak werd gedaan door voorzitter Van Ravels en leden Gundelach en Bangma op 13 juli 2022.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak verklaart zich onbevoegd en verwijst het beroep door naar de rechtbank Noord-Holland.