ECLI:NL:RVS:2022:2426
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening schorsing vernietiging omgevingsvergunning aardwarmte-installatie
De minister van Economische Zaken en Klimaat verleende aan Hoogweg Aardwarmte vergunningen voor het oprichten en uitbreiden van een aardwarmte-installatie. De rechtbank Overijssel vernietigde deze vergunningen omdat de stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden onvoldoende was beoordeeld, omdat de aardwarmte-installatie en nabijgelegen kassen als één inrichting en project moesten worden beschouwd.
Hoogweg Aardwarmte stelde hoger beroep in en verzocht om een voorlopige voorziening om de uitspraak van de rechtbank te schorsen, zodat de vergunningen voorlopig geldig blijven. De voorzieningenrechter overwoog dat het staken van de exploitatie ernstige gevolgen zou hebben voor Hoogweg Aardwarmte en de glastuinbouwbedrijven die van de aardwarmte afhankelijk zijn.
De voorzieningenrechter vond dat het niet schorsen van de uitspraak zou leiden tot een ecologisch nadeligere situatie vanwege het terugvallen op alternatieve energiebronnen met hogere stikstofuitstoot. Daarom werd de voorlopige voorziening toegewezen, de uitspraak van de rechtbank geschorst en de minister veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
De uitspraak benadrukt het belang van een zorgvuldige belangenafweging bij voorlopige voorzieningen in milieurechtelijke procedures, waarbij economische en ecologische belangen tegen elkaar worden afgewogen.
Uitkomst: De Raad van State schorst de vernietiging van de omgevingsvergunning en beveelt vergoeding van proceskosten en griffierecht.