ECLI:NL:RVS:2022:268
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- H.G. Sevenster
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing uitstel van vertrek wegens onvoldoende medische onderbouwing
De vreemdeling, met de Burundese nationaliteit, vroeg uitstel van vertrek op grond van artikel 64 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 vanwege haar gezondheidstoestand. De staatssecretaris wees dit verzoek af op basis van een advies van het Bureau Medische Advisering (BMA), dat geen medische noodsituatie voorzag. De rechtbank bevestigde dit oordeel en verklaarde het beroep ongegrond.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelde echter vast dat het BMA-advies onvoldoende inzicht gaf in de onderbouwing van de conclusie dat geen medische noodsituatie zou ontstaan, terwijl de behandelaars van de vreemdeling juist een ernstige toename van psychische klachten en een verhoogd risico op suïcidaliteit verwachtten bij uitblijven van behandeling. De Afdeling oordeelde dat het BMA zijn conclusie beter moet motiveren in het licht van deze tegenstrijdige medische inzichten.
Daarom vernietigde de Afdeling het vonnis van de rechtbank en het besluit van de staatssecretaris, verklaarde het hoger beroep gegrond en veroordeelde de staatssecretaris tot vergoeding van proceskosten. De verdere inhoudelijke behandeling van het verzoek om uitstel van vertrek werd niet aan de orde gesteld.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van uitstel van vertrek wordt vernietigd wegens onvoldoende onderbouwing van het medische advies.