ECLI:NL:RVS:2022:3018
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- B.P.M. van Ravels
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- B. Meijer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing nadeelcompensatie voor wateroverlast door rechtmatige waterbeheerprojecten
Een agrarisch bedrijf in Bergeijk leed in juni 2016 ernstige schade door wateroverlast na zware regenval, waarbij watergangen buiten hun oevers traden. Het waterschap wees aansprakelijkheid af behalve voor een beperkte schadevergoeding wegens een verstopte duiker.
De agrariër stelde dat de waterbeheerprojecten 'Herinrichting Beekloop' en 'Keunesloop' de waterstand verhoogden en zo de schade veroorzaakten. Het waterschap en de SAOZ adviseerden afwijzing wegens onvoldoende bewijs van causaal verband.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat nalatigheid niet onder artikel 7.14 Waterwet valt en dat het causaal verband ontbrak. In hoger beroep handhaafde de Raad van State dit oordeel, waarbij zij afzonderlijk de stuw Liskes, conserveringsstuwen, vispassage en begroeiing beoordeelde en concludeerde dat geen van deze elementen de schade veroorzaakte.
De Raad benadrukte dat onderhoudsnalatigheid niet voor vergoeding in aanmerking komt onder de Waterwet en dat de agrariër onvoldoende heeft aangetoond dat het waterbeheerproject de wateroverlast heeft verergerd. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van nadeelcompensatie bevestigd.