ECLI:NL:RVS:2022:3263
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid aanvraag verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid verklaarde op 20 april 2022 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet-ontvankelijk. De rechtbank Den Haag verklaarde het tegen dit besluit ingestelde beroep ongegrond bij uitspraak van 3 augustus 2022. De vreemdeling stelde hiertegen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling heeft de stukken die ten grondslag liggen aan verklaringen van onderzoek van Bureau Documenten ingezien, waarbij beperkte kennisneming van deze stukken is toegestaan. Het hoger beroep bevat geen vragen die van belang zijn voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming, zodat het beroep niet leidt tot vernietiging van de uitspraak van de rechtbank.
De Afdeling bevestigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak op 14 november 2022.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt de niet-ontvankelijkverklaring en verklaart het hoger beroep ongegrond.