ECLI:NL:RVS:2022:3475
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verblijfsvergunning asiel na hoger beroep en verzoek voorlopige voorziening
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft op 13 september 2022 de aanvragen van meerdere vreemdelingen voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afgewezen. De vreemdelingen hebben hiertegen beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag, die op 21 oktober 2022 de beroepen ongegrond verklaarde.
De vreemdelingen gingen vervolgens in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzochten tevens om een voorlopige voorziening. De Afdeling oordeelde dat het hoger beroep geen nieuwe rechtsvragen bevat die beantwoording behoeven in het belang van rechtseenheid, rechtsontwikkeling of algemene rechtsbescherming.
De Afdeling bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en wees het verzoek om voorlopige voorziening af. Tevens werd bepaald dat de staatssecretaris geen proceskosten hoeft te vergoeden. Hiermee blijft de afwijzing van de verblijfsvergunning asiel in stand.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen, waarmee de afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt bevestigd.