ECLI:NL:RVS:2022:3513
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen kostenverhaal spoedeisende bestuursdwang inzameling huishoudelijk afval
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag heeft op 14 maart 2022 spoedeisende bestuursdwang toegepast door een doos te verwijderen die naast een aangewezen inzamelvoorziening was geplaatst, omdat deze volgens het college verkeerd was aangeboden in strijd met de Afvalstoffenverordening 2010. De kosten van deze bestuursdwang, aanvankelijk € 200,00, werden op [appellante] verhaald.
[Appellante] betwist niet dat de doos naast de container stond, maar stelt dat de container overvol was en dat niet duidelijk was dat afval niet naast de container mocht worden geplaatst. Zij vindt de kosten onredelijk hoog en betoogt dat zij niet gehoord is in de bezwaarprocedure.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelt dat het bedrag geen boete betreft maar kostenverhaal. Het college mocht [appellante] verantwoordelijk houden voor het verkeerd aanbieden van de doos, ook al was het haar partner die de doos plaatste. Het ontbreken van een informatiesticker op de container doet hieraan niet af. Het college heeft terecht afgezien van het horen van [appellante] omdat zij niet op het aanbod tot horen heeft gereageerd.
Het beroep is gegrond voor zover het gaat om de hoogte van de kosten, die door het college is aangepast van € 200,00 naar € 199,57. De Afdeling oordeelt dat het bedrag niet disproportioneel is, mede gezien de door het college overgelegde kostenberekening. Het beroep is verder ongegrond. Het griffierecht wordt aan [appellante] vergoed.
Uitkomst: Het beroep is gegrond voor zover het gaat om de hoogte van de verhaalde kosten van € 199,57, maar verder ongegrond verklaard.