ECLI:NL:RVS:2022:3606
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering standplaatsvergunning carnaval ’s-Hertogenbosch wegens onduidelijke verdeelcriteria
Appellante, eigenaar van een eenmanszaak met een suikerspin- en popcornkraam, had jarenlang een standplaatsvergunning tijdens het carnaval in ’s-Hertogenbosch. In 2019 vroeg zij vergunningen aan voor de carnaval van 2020, 2021 en 2022. Het college ontving meer aanvragen dan beschikbare standplaatsen en besloot vergunningen toe te kennen op basis van de hoogte van het bod, waarbij appellante met een lager bod werd afgewezen.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, maar de Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat de Algemene voorwaarden geen duidelijkheid boden over het doorslaggevende gewicht van de biedingen. Het college had onvoldoende openheid gegeven over de verdelingsprocedure en criteria, waardoor het gelijkheidsbeginsel werd geschonden.
De Afdeling vernietigde het besluit van het college en de uitspraak van de rechtbank, verklaarde het beroep gegrond en herroept het oorspronkelijke besluit. Omdat de carnavals inmiddels voorbij zijn, hoeft het college geen nieuw besluit te nemen. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het besluit van het college wordt vernietigd en herroepen wegens onvoldoende openbaarheid over de verdeelcriteria, met vergoeding van proceskosten aan appellante.