ECLI:NL:RVS:2022:364
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- H.G. Sevenster
- D.A. Verburg
- Rechtspraak.nl
Bevestiging onrechtmatigheid vrijheidsontnemende maatregel wegens onvoldoende onderzoek medische situatie vreemdeling
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid legde op 15 september 2021 een vrijheidsontnemende maatregel op aan de vreemdeling. Kort daarna werd een signaleringslijst opgesteld waarin ernstige medische klachten zoals PTSS en automutilatie werden gesignaleerd. De vreemdeling bracht deze signalen onder de aandacht van de staatssecretaris en verzocht om opheffing van de maatregel.
De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en kende hem schadevergoeding toe, omdat de staatssecretaris onvoldoende actief onderzoek had gedaan naar de detentiegeschiktheid van de vreemdeling. De staatssecretaris stelde in hoger beroep dat de signaleringslijst niet door een arts was opgesteld en dat het aan de vreemdeling was om zijn detentieongeschiktheid aan te tonen.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat hoewel de lijst niet door een arts was opgesteld, de inhoud wel serieuze signalen bevatte die de staatssecretaris verplichtten tot een actieve beoordeling. De motivering van de staatssecretaris voldeed niet aan deze onderzoeksplicht. Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd wegens onvoldoende onderzoek naar de medische situatie van de vreemdeling.