AI samenvatting door Lexboost • Automatisch gegenereerd
Vernietiging bestemmingsplan Dorpsstraat-Vijverlaan wegens onvoldoende behoefteonderzoek en onzorgvuldige voorbereiding
Het geschil betreft het bestemmingsplan "Dorpsstraat-Vijverlaan" van de gemeente Scherpenzeel, waarin een nieuwe stedelijke ontwikkeling wordt mogelijk gemaakt met sloop van bestaande bebouwing, een supermarkt op de begane grond en 24 sociale huurappartementen boven de supermarkt.
De Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft bij tussenuitspraak van 1 juni 2022 de raad opgedragen binnen 20 weken de gebreken in het bestemmingsplan te herstellen, omdat de raad niet het wettelijk vereiste onderzoek naar de behoefte van de nieuwe stedelijke ontwikkeling had verricht en het plan onvoldoende waarborgde dat de laad- en losruimte inpandig zou worden gerealiseerd.
De raad heeft vervolgens op 29 september 2022 een gewijzigd bestemmingsplan vastgesteld, maar Goed Vast Goed Beheer B.V. en anderen hebben geen zienswijze ingediend tegen dit besluit. De Afdeling verklaart daarom het beroep tegen het gewijzigde besluit ongegrond, maar verklaart het beroep tegen het oorspronkelijke besluit gegrond en vernietigt dit besluit.
De raad wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en terugbetaling van een te hoog geheven griffierecht. De uitspraak benadrukt het belang van zorgvuldige voorbereiding en naleving van onderzoeksplichten bij nieuwe stedelijke ontwikkelingen.
Uitkomst: Het bestemmingsplan van 25 maart 2021 wordt vernietigd wegens het ontbreken van een behoefteonderzoek en onzorgvuldige voorbereiding; het gewijzigde besluit van 29 september 2022 wordt ongegrond verklaard.
Uitspraak
202103496/2/R4.
Datum uitspraak: 21 december 2022
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak in het geding tussen:
Goed Vast Goed Beheer B.V., gevestigd te Scherpenzeel, en anderen (hierna samen en in enkelvoud: Goed Vast Goed),
appellanten,
en
de raad van de gemeente Scherpenzeel,
verweerder.
Procesverloop
Bij tussenuitspraak van 1 juni 2022, ECLI:NL:RVS:2022:1539, heeft de Afdeling de raad opgedragen om binnen 20 weken na verzending van deze tussenuitspraak de daarin omschreven gebreken in het besluit van de raad van 25 maart 2021 tot vaststelling van het bestemmingsplan "Dorpsstraat-Vijverlaan" te herstellen.
Bij besluit van 29 september 2022 heeft de raad ter uitvoering van de tussenuitspraak het bestemmingsplan opnieuw en gewijzigd vastgesteld.
De Afdeling heeft partijen in de gelegenheid gesteld een zienswijze over dit besluit naar voren te brengen.
De Afdeling heeft bepaald dat een nader onderzoek ter zitting achterwege blijft. Vervolgens heeft de Afdeling het onderzoek gesloten.
Overwegingen
Tussenuitspraak
1. Het voornemen bestaat om alle bestaande bebouwing binnen het plangebied te slopen en te vervangen door een nieuw gebouw. Op de begane grond komt een supermarkt. Boven de supermarkt zijn 24 sociale huurappartementen voorzien, verdeeld over twee bouwlagen. Het bestemmingsplan maakt deze ontwikkelingen mogelijk.
2. De Afdeling heeft onder 11 van de tussenuitspraak overwogen dat, omdat sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling, de raad voorafgaand aan de vaststelling van het bestemmingsplan op grond van artikel 3.1.6, tweede lid, van het Besluit ruimtelijke ordening een onderzoek naar de behoefte van de nieuwe stedelijke ontwikkeling had moeten verrichten, met inachtneming van de daarvoor geldende eisen. Dat heeft de raad in strijd met dat artikel niet gedaan.
Daarnaast heeft de Afdeling overwogen dat, ervan uitgaande dat de laad- en losruimte voor de supermarkt inpandig wordt gerealiseerd, de raad zich voor het overige op het standpunt heeft mogen stellen dat het plan strekt ten behoeve van een goede ruimtelijke ordening. In het bestemmingsplan is echter niet gewaarborgd dat de laad- en losruimte inpandig zal worden gerealiseerd, hoewel dit wel is beoogd. In zoverre heeft de raad het bestemmingsplan in strijd met artikel 3:2 vanPro de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb) niet zorgvuldig voorbereid, aldus de Afdeling.
3. De Afdeling heeft de raad opgedragen om binnen 20 weken na verzending van de tussenuitspraak deze gebreken in het besluit van de raad van 25 maart 2021 tot vaststelling van het bestemmingsplan te herstellen.
Beroep tegen het besluit van 25 maart 2021
4. Gelet op wat onder 5.5, 7.10, 9.4 en 11 van de tussenuitspraak is overwogen, is het beroep van Goed Vast Goed tegen het besluit van de raad van 25 maart 2021 gegrond. Dat besluit moet worden vernietigd.
Beroep tegen het besluit van 29 september 2022
5. Bij besluit van 29 september 2022 heeft de raad ter uitvoering van de tussenuitspraak het bestemmingsplan opnieuw en gewijzigd vastgesteld. Dit besluit wordt, gelet op artikel 6:19, eerste lid, van de Awb, van rechtswege geacht onderwerp te zijn van dit geding.
6. Bij brief van 17 oktober 2022 heeft de Afdeling Goed Vast Goed in de gelegenheid gesteld een zienswijze naar voren te brengen over het besluit van 29 september 2022. Goed Vast Goed heeft van die gelegenheid geen gebruik gemaakt. Dit betekent dat zij geen beroepsgronden over dit besluit heeft aangevoerd. Het van rechtswege ontstane beroep tegen het besluit van 29 september 2022 is daarom ongegrond.
Proceskosten
7. De raad moet de proceskosten vergoeden.
8. Ten aanzien van het in deze procedure geheven griffierecht overweegt de Afdeling ter informatie als volgt. Voor de behandeling van het beroep van Goed Vast Goed is abusievelijk een bedrag van € 541,00 als griffierecht geheven, terwijl het verschuldigde griffierecht € 360,00 bedroeg. Het te veel betaalde griffierecht ten bedrage van € 181,00 zal worden teruggestort. Het college wordt gelast aan Goed Vast Goed een bedrag van € 360,00 aan griffierecht te vergoeden.
Beslissing
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
I. verklaart het beroep van Goed Vast Goed Beheer B.V. en anderen tegen het besluit van de raad van de gemeente Scherpenzeel van 25 maart 2021 tot vaststelling van het bestemmingsplan "Dorpsstraat-Vijverlaan" gegrond;
II. vernietigt het besluit van de raad van de gemeente Scherpenzeel van 25 maart 2021 tot vaststelling van het bestemmingsplan "Dorpsstraat-Vijverlaan";
III. verklaart het beroep van Goed Vast Goed Beheer B.V. en anderen tegen het besluit van de raad van de gemeente Scherpenzeel van 29 september 2022 tot het gewijzigd vaststellen van het bestemmingsplan "Dorpsstraat-Vijverlaan" ongegrond;
IV. veroordeelt de raad van de gemeente Scherpenzeel tot vergoeding van bij Goed Vast Goed Beheer B.V. en anderen in verband met de behandeling van het beroep opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 3126,48, waarvan € 1518,00 is toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand, met dien verstande dat bij betaling van genoemd bedrag aan een van hen de raad aan zijn betalingsverplichting heeft voldaan;
V. gelast dat de raad van de gemeente Scherpenzeel aan Goed Vast Goed Beheer B.V. en anderen het door hen voor de behandeling van het beroep betaalde griffierecht ten bedrage van € 360,00 vergoedt, met dien verstande dat bij betaling van genoemd bedrag aan een van hen de raad aan zijn betalingsverplichting heeft voldaan.
Aldus vastgesteld door mr. A.J.C. de Moor-van Vugt, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. J.A.A. van Roessel, griffier.