ECLI:NL:RVS:2022:3985
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging besluit niet-ontvankelijkheid bezwaar uitstel betaling toeslagen
Appellant ontving in 2015 huur- en zorgtoeslag, die bij definitieve vaststelling in 2019 als te veel ontvangen werden aangemerkt en terugbetaald moesten worden. Na bezwaar en beroep verklaarde de rechtbank het bezwaar tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het verzoek om uitstel van betaling gegrond en vernietigde het besluit van de Belastingdienst/Toeslagen.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State bevestigt deze uitspraak. De brief van appellant van 28 december 2020 werd ten onrechte als bezwaar aangemerkt in plaats van een verzoek om uitstel van betaling. De rechtbank heeft terecht het beroep gegrond verklaard en het besluit vernietigd.
Verder oordeelde de rechtbank dat de proceskostenvergoeding van € 748,00 conform het Besluit proceskosten bestuursrecht passend is en dat er geen aanleiding is voor vergoeding van hogere kosten of immateriële schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn. De Afdeling sluit zich hierbij aan en verklaart het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.