Uitspraak
Datum uitspraak: 9 februari 2022
BESTUURSRECHTSPRAAK
Raad van State
Bij besluit van 21 augustus 2019 wees de Raad voor Rechtsbijstand een aanvraag om toevoeging af voor het verlenen van rechtsbijstand aan appellant bij het indienen van een wrakingsverzoek in een strafzaak. De afwijzing was gebaseerd op het feit dat de advocaat Blasweiler niet was ingeschreven met de vereiste strafrechtspecialisatie. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, omdat geen bijzondere omstandigheden waren die een afwijking van het beleid rechtvaardigden.
Appellant voerde aan dat hij geen andere keuze had dan Blasweiler in te schakelen, omdat hij geen strafrechtadvocaat had en geen advocaat werd toegewezen door de NOvA vanwege een conflict met de deken. Hij stelde dat het niet verstrekken van de toevoeging in strijd was met het zorgvuldigheids- en evenredigheidsbeginsel en met artikelen 6 en 13 EVRM, omdat hem feitelijk de toegang tot de strafrechter werd ontzegd.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat geen bijzondere omstandigheden aanwezig zijn die een afwijking van het beleid rechtvaardigen. Het indienen van een wrakingsverzoek kan ook door de verdachte zelf worden gedaan en er is geen verplichte procesvertegenwoordiging. Bovendien had een strafrechtadvocaat kunnen worden aangewezen door de deken. Het plaatsen van het wrakingsverzoek onder de hoofdzaak en het vereisen van strafrechtspecialisatie is niet onredelijk en leidt niet tot onevenredige gevolgen.
Verder is geen schending van artikel 6 EVRM Pro vastgesteld, omdat appellant zich had kunnen laten bijstaan door een strafrechtspecialist. Ook het zorgvuldigheidsbeginsel is niet geschonden omdat het beleid duidelijk is en appellant onvoldoende heeft gemotiveerd waarom in zijn zaak van de inschrijvingsvoorwaarden zou moeten worden afgeweken. De Afdeling bevestigt daarom de eerdere uitspraak en wijst het hoger beroep af.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt de afwijzing van de toevoeging voor rechtsbijstand bij het wrakingsverzoek wegens ontbreken van strafrechtspecialisatie.