ECLI:NL:RVS:2022:616
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende bewijs gedwongen rekrutering in Libië
De vreemdeling, met de Libische nationaliteit, heeft beroep ingesteld tegen de afwijzing van zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. De rechtbank had het beroep ongegrond verklaard omdat de vreemdeling niet aannemelijk had gemaakt dat hij bij terugkeer naar Libië een reëel risico loopt op gedwongen rekrutering door het Libyan National Army (LNA).
De vreemdeling voerde aan dat er onduidelijkheid bestaat over de rekruteringspraktijken van het LNA en dat nader onderzoek door de staatssecretaris had moeten plaatsvinden. Tevens wees hij op het verzoek van de staatssecretaris aan de minister van Buitenlandse Zaken om een nieuw ambtsbericht over Libië uit te brengen.
De Raad van State betrok het nieuwe ambtsbericht van september 2021 bij de beoordeling. Dit bericht bevestigt dat er onzekerheid bestaat over de wijze van rekrutering door milities en gewapende groepen, maar dat gedwongen rekrutering vooral voorkomt onder migranten en kwetsbare minderjarigen. Er is geen indicatie dat het LNA op grote schaal gedwongen rekruteert. De vreemdeling heeft onvoldoende persoonlijke omstandigheden aangevoerd om het risico op gedwongen rekrutering aannemelijk te maken. Daarom is het hoger beroep ongegrond verklaard en is de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt bevestigd.