ECLI:NL:RVS:2022:649
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging dat inzage in persoonsgegevens op grond van AVG artikel 15 niet verplicht tot verstrekking onderliggende documenten
Appellante verzocht op grond van artikel 12 en Pro 15 AVG inzage in haar persoonsgegevens en aanvullende informatie over de verwerking, vanwege stopzetting van haar uitkering Participatiewet na een fraudeonderzoek. Het college van B&W Haarlem verstrekte overzichtslijsten en enkele kopieën van documenten, maar weigerde volledige inzage in alle onderliggende stukken.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond en oordeelde dat het college met de verstrekte overzichten voldeed aan de AVG-verplichtingen. Appellante stelde dat zij ook de onderliggende documenten nodig had om onjuistheden te kunnen corrigeren en dat het college te weinig had verstrekt.
De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat artikel 15 AVG Pro niet verplicht tot verstrekking van alle documenten waarin persoonsgegevens voorkomen, maar slechts tot verstrekking van een kopie van de persoonsgegevens zelf. Het college had met de overzichten en enkele kopieën voldaan aan deze verplichting. Inzage in bestuurlijke documenten kan via de Wet openbaarheid van bestuur worden gevraagd. Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en het college heeft voldaan aan de verplichtingen uit artikel 15 AVG door overzichten en enkele kopieën te verstrekken zonder verplichting tot verstrekking van alle onderliggende documenten.