ECLI:NL:RVS:2022:939
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging aanwijzing parkeerplaatsen als oplaadpunt elektrische voertuigen in Den Haag
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag heeft bij besluit van 11 juni 2019 twee parkeerplaatsen in de Utenbroekestraat aangewezen als oplaadpunt voor elektrische voertuigen. [Appellant], wonende nabij deze locatie, maakte bezwaar tegen dit besluit vanwege onder meer verminderde parkeermogelijkheden en hinder door plaatsing van een laadpaal en verkeersbord.
De bezwarencommissie adviseerde het college het besluit in te trekken vanwege onvoldoende belangenafweging en onredelijke gevolgen voor [appellant]. Het college verklaarde het bezwaar ongegrond. De rechtbank oordeelde dat het college het besluit voldoende had gemotiveerd en dat de belangenafweging niet onredelijk was. Het hoger beroep van [appellant] werd vervolgens door de Afdeling bestuursrechtspraak behandeld.
Tijdens het hoger beroep bleek dat de laadpaal was verplaatst en de vrije doorgang was hersteld. Hierdoor had [appellant] zijn bezwaar tegen de doorgang ingetrokken. De Afdeling verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk en oordeelde dat het gewijzigde besluit van het college, zoals aangepast na de uitspraak van de rechtbank, gegrond was. Het college mocht het besluit handhaven en zal het griffierecht aan [appellant] vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard en het beroep tegen het gewijzigde besluit ongegrond; de parkeerplaatsen blijven aangewezen als oplaadpunt.