ECLI:NL:RVS:2023:1102
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitvoering uitspraak rechtbank inzake verblijfsvergunning vreemdeling
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 31 oktober 2022 een aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. Tevens weigerde hij ambtshalve te bepalen dat uitzetting achterwege blijft en weigerde hij een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen.
De vreemdeling stelde beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 24 februari 2023 het besluit vernietigde en de staatssecretaris opdroeg een nieuw besluit te nemen. De staatssecretaris stelde hiertegen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht om een voorlopige voorziening om de uitvoering van de uitspraak van de rechtbank op te schorten.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het niet aannemelijk is dat de uitspraak van de rechtbank in stand blijft en gaf daarom de voorlopige voorziening om uitvoering van de uitspraak op te schorten totdat het hoger beroep is beslist. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: De staatssecretaris hoeft de uitspraak van de rechtbank niet uit te voeren totdat het hoger beroep is beslist.