ECLI:NL:RVS:2023:159
Raad van State
- Hoger beroep
- J. Hoekstra
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing handhavingsverzoeken tegen verbouwing loods voor kamerverhuur in Arnhem
Het college van burgemeester en wethouders van Arnhem wees handhavingsverzoeken af die gericht waren op het stilleggen van verbouwwerkzaamheden in een loods achter een locatie in Arnhem, bedoeld voor kamerverhuur aan studenten. Het college stelde dat er geen overtreding was en dat voor de werkzaamheden een vergunning was aangevraagd of dat deze niet nodig was. De rechtbank volgde dit standpunt en verklaarde het beroep van appellant ongegrond.
Appellant stelde dat de rechtbank had miskend dat de loods werd verbouwd voor kamerverhuur, wat planologisch niet was toegestaan, en dat handhavend had moeten worden opgetreden. De Afdeling onderzocht het bestemmingsplan "Spijkerbroek" en concludeerde dat kamerbewoning onder de bestemming "Wonen" valt en het beoogde gebruik van de loods als onzelfstandige woonruimte niet in strijd is met het bestemmingsplan.
Verder werd het voorbereidingsbesluit van de gemeente Arnhem van 5 juli 2019 beoordeeld, dat een verbod bevat op woningomzetting na inwerkingtreding. Omdat de verbouwing en kamerverhuur al voor het voorbereidingsbesluit waren aangevangen, was er geen sprake van een verboden wijziging na het besluit. Het betoog over onzorgvuldige vergunningverlening werd niet behandeld omdat de vergunningen buiten het geding vielen.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Het college hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.