ECLI:NL:RVS:2023:1626
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G.T.J.M. Jurgens
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan Zeeburgereiland Bedrijvenstrook wegens onvoldoende zorgvuldigheid en herstelbesluit afgewezen
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft bij tussenuitspraak van 14 september 2022 geoordeeld dat het bestemmingsplan Zeeburgereiland Bedrijvenstrook van 22 april 2021 onvoldoende zorgvuldig was voorbereid. De raad van Amsterdam had niet betrokken bij de belangenafweging dat het recyclepunt geheel of gedeeltelijk overdekt zou worden, terwijl dit een wezenlijk aspect was. Hierdoor werd het besluit vernietigd wegens strijd met artikel 3:2 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
De raad stelde vervolgens op 21 december 2022 een herstelbesluit vast, waarbij het bestemmingsplan werd herzien en gemotiveerd waarom het recyclepunt niet overdekt zou worden. De appellant bracht hiertegen zienswijzen naar voren, stellende dat een overkapping gunstiger zou zijn en dat de raad onvoldoende inzicht had gegeven in de financiële en ruimtelijke bezwaren.
De Afdeling oordeelde dat de raad alsnog zorgvuldig had afgewogen en voldoende had gemotiveerd dat het financieel niet uitvoerbaar was om het recyclepunt overdekt vast te leggen. De belangen van de stad en de urgentie van het recyclepunt werden zwaarder gewogen dan de toezegging van het college. Het beroep tegen het herstelbesluit werd daarom ongegrond verklaard.
De Raad van State veroordeelde de raad van Amsterdam tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht van de appellant. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer onder leiding van G.T.J.M. Jurgens op 26 april 2023.
Uitkomst: Het bestemmingsplan van april 2021 wordt vernietigd wegens onvoldoende zorgvuldigheid, het herstelbesluit van december 2022 wordt ongegrond verklaard.