ECLI:NL:RVS:2023:1640
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G.T.J.M. Jurgens
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen afwijzing afwijking kwantitatieve eis toets Mondzorgkunde
Een studente Mondzorgkunde aan Hogeschool Inholland behaalde voor de toets Patiëntenbehandeling het eindcijfer vier omdat zij niet voldeed aan de kwantitatieve eis van vier afbehandelde patiënten. Zij verzocht de examencommissie om van deze eis af te wijken, maar dit verzoek werd afgewezen. Vervolgens stelde zij administratief beroep in tegen deze beslissingen, dat eveneens ongegrond werd verklaard.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de kwantitatieve eis duidelijk op het beoordelingsformulier stond vermeld en dat het niet voldoen daaraan het eindcijfer bepaalde. De studente stelde dat de term 'afbehandeld' niet uit de handleiding volgde, maar het college mocht deze uitleg hanteren om de volledige leercyclus te waarborgen.
De studente voerde ook aan dat de kwalitatieve score van 6,5 niet verenigbaar was met het cijfer vier en dat de hardheidsclausule toegepast had moeten worden, mede omdat andere studenten zonder vier afbehandelde patiënten wel een voldoende kregen. De Afdeling volgde dit niet, omdat de kwalitatieve score een prognostische waarde had en de andere studenten volgens het college wel voldeden aan de kwantitatieve eis. De Afdeling concludeerde dat het college de toetskwaliteit moest waarborgen en het beroep ongegrond verklaarde.
Uitkomst: Het beroep van de studente wordt ongegrond verklaard en het eindcijfer vier blijft gehandhaafd.