ECLI:NL:RVS:2023:1659
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Weigering omgevingsvergunning tijdelijk bouwwerk wegens strijd met bestemmingsplan en ruimtelijke ordening
MDE heeft een tijdelijk bouwwerk gebouwd op een perceel in het buitengebied van Neder-Betuwe en vroeg een tijdelijke omgevingsvergunning aan voor een periode van aanvankelijk twee, later vijf jaar. Het college van burgemeester en wethouders weigerde de vergunning omdat het bouwwerk de maximale bebouwingsoppervlakte, goothoogte en afstand tot de perceelsgrens volgens het bestemmingsplan overschrijdt.
De rechtbank verklaarde het bezwaar van MDE tegen deze weigering ongegrond, waarna MDE hoger beroep instelde bij de Raad van State. MDE voerde onder meer aan dat het tijdelijke karakter van het bouwwerk onvoldoende werd meegewogen en dat het bouwwerk het landschappelijke beeld niet aantast.
De Raad van State oordeelde dat het college terecht heeft geweigerd omdat het bouwwerk ruimtelijk niet gewenst is, gezien de aanzienlijke overschrijding van de toegestane bebouwingsmogelijkheden en de inbreuk op het karakter van het gebied. Ook het tijdelijke karakter van vijf jaar weegt niet zwaarder dan de ruimtelijke belangen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van MDE wordt ongegrond verklaard en de weigering van de omgevingsvergunning bevestigd.