ECLI:NL:RVS:2023:1728
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- W. den Ouden
- J.M. Willems
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak over schadevergoeding mijnbouwschade woning Borgercompagnie
Appellant, eigenaar van een woning te Borgercompagnie, diende een aanvraag in voor vergoeding van schade veroorzaakt door mijnbouwactiviteiten. Het Instituut Mijnbouwschade Groningen kende aanvankelijk een schadevergoeding toe, welke na bezwaar en rechtbankuitspraak werd verhoogd. In hoger beroep stond de omvang van de schades en de herstelmethode centraal, met name voor scheurvorming in de badkamer- en keukenvloer.
De deskundigen van het Instituut adviseerden herstel door egaliseren van vloeren en vervangen van tegels, terwijl appellant een uitgebreidere herstelmethode voorstelde, waaronder nieuwe betonvloeren en metselwerk. De Raad van State oordeelde dat het Instituut mag uitgaan van herstel in de oude toestand en dat de voorgestelde herstelmethode van appellant verder gaat dan noodzakelijk.
Daarnaast werd betoogd dat het Instituut moet anticiperen op toekomstige wetswijzigingen die duurzaam herstel mogelijk maken. De Raad van State verwierp dit omdat de wetswijziging nog niet is vastgesteld. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.