ECLI:NL:RVS:2023:2132
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit niet in behandeling nemen verblijfsvergunning asiel wegens onrechtmatigheid overdrachtsbesluit
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid nam op 31 januari 2023 een besluit om de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling te nemen. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die dit beroep op 23 februari 2023 ongegrond verklaarde. De vreemdeling ging hiertegen in hoger beroep bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat de circulaire van de Italiaanse autoriteiten van 5 december 2022 slechts een tijdelijk feitelijk overdrachtsbeletsel vormde en dat Italië nog steeds de verantwoordelijke lidstaat was. Uit eerdere uitspraken bleek dat er in Italië geen opvangfaciliteiten beschikbaar zijn voor Dublinclaimanten, wat een reëel risico inhoudt dat zij in een toestand van zeer verregaande materiële deprivatie terechtkomen.
De staatssecretaris had onvoldoende gemotiveerd dat Italië nog aan zijn internationale verplichtingen zou voldoen, waardoor het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet mocht worden toegepast. De Raad van State vernietigde daarom het besluit van 31 januari 2023 en de uitspraak van de rechtbank, verklaarde het beroep gegrond en veroordeelde de staatssecretaris tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling.
Uitkomst: Het besluit van 31 januari 2023 om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen wordt vernietigd en het beroep van de vreemdeling wordt gegrond verklaard.