ECLI:NL:RVS:2023:2183
Raad van State
- Hoger beroep
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging besluit niet in behandeling nemen asielaanvragen wegens Dublinverordening
Bij besluiten van 29 december 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van vreemdelingen om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen, omdat volgens hem Italië verantwoordelijk was op grond van de Dublinverordening. De rechtbank verklaarde deze beroepen gegrond, vernietigde de besluiten en bepaalde dat nieuwe besluiten moeten worden genomen.
De staatssecretaris ging in hoger beroep met het argument dat de Italiaanse 'circular letter' slechts een tijdelijk overdrachtsbeletsel vormt en dat Italië nog steeds de verantwoordelijke lidstaat is. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat er op basis van eerdere uitspraken en berichtgeving van Italiaanse autoriteiten een reëel risico bestaat dat vreemdelingen bij overdracht aan Italië in een toestand van ernstige materiële deprivatie terechtkomen, waardoor het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet geldt.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond, bevestigde de uitspraak van de rechtbank en veroordeelde de staatssecretaris tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdelingen. Hiermee blijft de staatssecretaris gehouden aan het nemen van nieuwe besluiten met inachtneming van deze overwegingen.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt dat de besluiten van de staatssecretaris onrechtmatig zijn en veroordeelt hem tot vergoeding van proceskosten.