ECLI:NL:RVS:2023:2807
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank inzake vrijheidsontnemende maatregel vreemdeling
Op 5 mei 2023 legde de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een vrijheidsontnemende maatregel op aan de vreemdeling. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 16 juni 2023 het beroep ongegrond verklaarde en het verzoek om schadevergoeding afwees.
De vreemdeling ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Deze afdeling heeft het hoger beroep beoordeeld en vastgesteld dat de rechtbank terecht en op goede gronden tot haar oordeel is gekomen. De motivering van de rechtbank werd overgenomen zonder nadere motivatie, omdat het hogerberoepschrift geen nieuwe vragen bevatte die van belang zijn voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank. Tevens werd bepaald dat de staatssecretaris geen proceskosten hoeft te vergoeden. De uitspraak werd op 20 juli 2023 in het openbaar uitgesproken door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak.
Uitkomst: Het hoger beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.