ECLI:NL:RVS:2023:3273

Raad van State

Datum uitspraak
29 augustus 2023
Publicatiedatum
29 augustus 2023
Zaaknummer
202304305/1/V2
Instantie
Raad van State
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 91 Vw 2000
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging afwijzing aanvraag verblijfsvergunning asiel wegens ongeloofwaardig asielrelaas

De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft op 8 juni 2023 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen afgewezen. De vreemdeling stelde beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 6 juli 2023 het beroep ongegrond verklaarde. Vervolgens stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

De Raad van State oordeelt dat de rechtbank terecht heeft geoordeeld dat het asielrelaas van de vreemdeling niet geloofwaardig is. De vreemdeling heeft slechts marginale politieke activiteiten verricht en heeft op belangrijke punten, zoals de dreigbrieven, vaag en tegenstrijdig verklaard. Hierdoor is onvoldoende aannemelijk gemaakt dat er een reëel gevaar bestaat vanwege zijn politieke affiliatie met de guerrillabeweging ELN.

Het hoger beroep bevat geen vragen die van belang zijn voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming, zodat het oordeel van de rechtbank niet nader gemotiveerd hoeft te worden. De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.

Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt de afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wegens een ongeloofwaardig asielrelaas.

Uitspraak

202304305/1/V2.
Datum uitspraak: 29 augustus 2023
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht op het hoger beroep van:
[de vreemdeling],
appellant,
tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Amsterdam, van 6 juli 2023 in zaak nr. NL23.17037 in het geding tussen:
de vreemdeling
en
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid.
Procesverloop
Bij besluit van 8 juni 2023 heeft de staatssecretaris een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.
Bij uitspraak van 6 juli 2023 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep ongegrond verklaard.
Tegen deze uitspraak heeft de vreemdeling, vertegenwoordigd door mr. J.M. Niemer, advocaat te Amsterdam, hoger beroep ingesteld.
Overwegingen
1.       Het hoger beroep leidt niet tot vernietiging van de uitspraak van de rechtbank. De rechtbank heeft namelijk terecht overwogen dat de staatssecretaris zich op goede gronden op het standpunt heeft gesteld dat de door de vreemdeling in het asielrelaas naar voren gebrachte problemen met de guerrillabeweging ELN, vanwege zijn politieke affiliatie, niet geloofwaardig zijn. Daarbij is van belang dat de vreemdeling marginale politieke activiteiten heeft verricht, en over belangrijke punten in zijn asielrelaas, waaronder de dreigbrieven, vaag, ongerijmd, en soms tegenstrijdig heeft verklaard.
1.1.    Dit oordeel hoeft niet verder te worden gemotiveerd. De reden daarvoor is dat het hogerberoepschrift geen vragen bevat die in het belang van de rechtseenheid, de rechtsontwikkeling of de rechtsbescherming in algemene zin beantwoord moeten worden (artikel 91, tweede lid, van de Vw 2000).
2.       Het hoger beroep is ongegrond. De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Beslissing
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
bevestigt de aangevallen uitspraak.
Aldus vastgesteld door mr. J.J.W.P. van Gastel, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. P.A.M.J. Graat, griffier.
w.g. Van Gastel
lid van de enkelvoudige kamer
w.g. Graat
griffier
Uitgesproken in het openbaar op 29 augustus 2023
307-987