ECLI:NL:RVS:2023:3473
Raad van State
- Hoger beroep
- C.J. Borman
- H. Benek
- J.F. de Groot
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ongeldigverklaring rijbewijs wegens drugsmisbruik door cannabisgebruik
Appellant werd op 10 februari 2020 staande gehouden omdat hij zonder licht reed. Tijdens de controle gaf hij aan medicatie met tetrahydrocannabinol (THC) te gebruiken. Een speekseltest wees op cannabisgebruik, waarna een bloedtest een THC-gehalte van 6 microgram per liter bloed aantoonde, tweemaal de wettelijke grenswaarde. Het CBR ontving hiervan melding en legde appellant een onderzoek op naar zijn rijgeschiktheid.
Het onderzoek, uitgevoerd door psychiater Corthals, concludeerde dat appellant drugsmisbruik vertoonde. Het CBR verklaarde daarop het rijbewijs ongeldig, een besluit dat door de rechtbank werd bevestigd. Appellant voerde onder meer aan dat hij cannabis medicinaal gebruikte en dat de psychiater niet onafhankelijk was, maar deze bezwaren werden verworpen.
De Raad van State oordeelde dat het cannabisgebruik niet valt onder medicinaal gebruik in juridische zin, omdat het niet door een arts was voorgeschreven of via een apotheek verkregen. De psychiater was onafhankelijk en het rapport zorgvuldig opgesteld. Ook het beroep op het evenredigheidsbeginsel faalde, omdat het CBR geen aanleiding had om af te wijken van het algemene belang van verkeersveiligheid.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Het CBR hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het rijbewijs van appellant blijft ongeldig verklaard wegens drugsmisbruik door cannabisgebruik.