Uitspraak
Datum uitspraak: 18 oktober 2023
AFDELINGBESTUURSRECHTSPRAAK
voorzitter
Raad van State
Op 11 januari 2021 nam het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam een besluit tot vaststelling van hogere waarden voor geluidbelasting in het kader van het nieuwbouwplan 'Tree House'. Op 18 maart 2021 stelde de gemeenteraad het bestemmingsplan 'Rotterdam Central District' vast, dat onder meer nieuwe hoogbouw mogelijk maakt rond het Centraal Station. Diverse appellanten, wonend in de omgeving, stelden beroep in tegen deze besluiten uit vrees voor aantasting van hun woon- en leefklimaat, met name door geluidhinder, bezonning, windhinder en andere milieuaspecten.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft het plan inhoudelijk getoetst aan het recht en het beleidskader. De raad heeft beleidsruimte bij de afweging van belangen en het vaststellen van planbegrenzingen. De door appellanten aangevoerde bezwaren over geluidreflecties, cumulatie van geluid, modellering van de stationsoverkapping en de toepassing van de railbonus zijn verworpen. Ook de bezwaren over de toepassing van de Provenierswijkregel en de Haagse bezonningsnorm zijn ongegrond verklaard; de raad hoefde niet aan laatstgenoemde norm te toetsen.
Verder is het windhinderonderzoek als voldoende beoordeeld, waarbij een matig tot slecht windklimaat wordt verwacht dat met maatregelen kan worden beperkt. De waterhuishouding is onderzocht en geconstateerd dat geen toename van wateroverlast wordt verwacht. De raad heeft de uitvoerbaarheid van het plan in het licht van de Wet natuurbescherming zorgvuldig beoordeeld, met name ten aanzien van vleermuizen in het Unilevergebouw en het Delftseplein. Ook de bezwaren over de aanwezigheid van monumentale bomen en het groepsrisico door vervoer van gevaarlijke stoffen zijn ongegrond verklaard.
Ten aanzien van het appartementencomplex Weenahof is het plan aangepast om wonen op de eerste verdieping toe te staan, wat in lijn is met het geldende kwaliteitsbeleid. Privaatrechtelijke bezwaren zijn niet evident en vallen buiten de bestuursrechtelijke toetsing. De Afdeling verklaart de beroepen ongegrond en bevestigt het bestemmingsplan.
Uitkomst: De beroepen tegen het bestemmingsplan Rotterdam Central District worden ongegrond verklaard en het plan wordt bevestigd.