ECLI:NL:RVS:2023:3953
Raad van State
- Hoger beroep
- J. Hoekstra
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ongegrondverklaring beroep tegen omgevingsvergunning nieuw woonhuis in Broek in Waterland
Het college van burgemeester en wethouders van Waterland verleende op 18 november 2020 een omgevingsvergunning voor de bouw van een nieuw woonhuis aan een locatie in Broek in Waterland. Appellante, wonend naast het perceel, maakte bezwaar tegen deze vergunning en voerde aan dat de uitgebreide voorbereidingsprocedure had moeten worden toegepast en dat de bouwhoogteoverschrijding van 10 cm haar woon- en leefklimaat zou aantasten.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond en deze uitspraak werd in hoger beroep bevestigd door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling oordeelde dat het college terecht de reguliere voorbereidingsprocedure toepaste en dat de geringe overschrijding van de bouwhoogte planologisch toelaatbaar is. Het door appellante ingebrachte rapport van OMRT bood geen aanleiding tot een ander oordeel, mede omdat het rapport geen juiste vergelijking maakte met de situatie zonder overschrijding.
Verder werd vastgesteld dat appellante voldoende gelegenheid had om kennis te nemen van de vergaderdata van de welstandscommissie via de gemeentelijke website. De Afdeling concludeerde dat de rechtbank gemotiveerd op de bezwaren was ingegaan en dat appellante geen nieuwe gronden had aangevoerd die tot een ander oordeel konden leiden. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep tegen de omgevingsvergunning is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.