ECLI:NL:RVS:2023:4293
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- M. Soffers
- J.J.W.P. van Gastel
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen uitspraak rechtbank inzake vrijheidsontnemende maatregel vreemdeling in grensdetentie
De vreemdeling arriveerde op 19 februari 2023 op Schiphol vanuit de Democratische Republiek Congo met de intentie door te reizen naar Italië. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid weigerde hem op 20 februari de toegang tot het grondgebied en legde een vrijheidsontnemende maatregel op in afwachting van een terugvlucht. De vreemdeling diende vervolgens een asielaanvraag in, die op 9 maart 2023 niet in behandeling werd genomen omdat Italië verantwoordelijk werd geacht.
De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen de vrijheidsontnemende maatregel gegrond en kende schadevergoeding toe, mede vanwege een arrest van het Hof van Justitie dat een ruime uitleg van de vereisten voor grensdetentie voorschrijft en de constatering van structurele tekortkomingen in de opvang in Italië.
De staatssecretaris stelde in hoger beroep dat de rechtbank ten onrechte de inhoudelijke asielprocedure had betrokken bij de beoordeling van de detentie. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de rechtbank niet bevoegd was om de rechtmatigheid van de asielprocedure te toetsen en dat zicht op overdracht binnen een redelijke termijn geen vereiste is voor rechtmatige grensdetentie krachtens artikel 6, derde lid, van de Vw 2000.
De Raad van State vernietigde het vonnis van de rechtbank, verklaarde het hoger beroep gegrond, maar wees het beroep van de vreemdeling zelf ongegrond. Het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen en de staatssecretaris hoefde geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.