ECLI:NL:RVS:2023:4300
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank inzake intrekking verblijfsvergunning asiel
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft op 22 maart 2023 de verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd van de vreemdeling ingetrokken. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Utrecht. Op 18 augustus 2023 verklaarde de rechtbank het beroep gegrond, vernietigde het besluit van de staatssecretaris en bepaalde dat een nieuw besluit moet worden genomen met inachtneming van de uitspraak.
De vreemdeling ging in hoger beroep bij de Raad van State tegen deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft het hoger beroep beoordeeld en geoordeeld dat de rechtbank terecht en op goede gronden heeft beslist. Het hoger beroep bevatte geen vragen die van belang zijn voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of algemene rechtsbescherming, zodat verdere motivering niet nodig was.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Tevens werd bepaald dat de staatssecretaris geen proceskosten hoeft te vergoeden. Hiermee blijft de vernietiging van het besluit tot intrekking van de verblijfsvergunning in stand en wordt de staatssecretaris verplicht een nieuw besluit te nemen.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de vernietiging van het besluit tot intrekking van de verblijfsvergunning en verklaart het hoger beroep ongegrond.