ECLI:NL:RVS:2023:4461
Raad van State
- Hoger beroep
- M. den Heyer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenvergoeding na intrekking hoger beroep vreemdeling
De vreemdeling, met de Soedanese nationaliteit, had hoger beroep ingesteld tegen een besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Na het afkondigen van een besluit- en vertrekmoratorium voor Soedan op 26 juni 2023, trok de staatssecretaris het eerdere besluit van 23 februari 2023 in en kondigde aan een nieuw besluit te nemen op de asielaanvraag van de vreemdeling.
Naar aanleiding hiervan trok de vreemdeling het hoger beroep in en verzocht de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State om de staatssecretaris te veroordelen tot vergoeding van de proceskosten. De Afdeling overwoog dat het intrekken van het besluit vanwege een veranderde omstandigheid, namelijk het moratorium, niet wordt gezien als tegemoetkomen aan de vreemdeling in de zin van artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
Daarom wees de Afdeling het verzoek af en veroordeelde de staatssecretaris niet tot het betalen van proceskosten. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 4 december 2023.
Uitkomst: Het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen omdat het intrekken van het besluit het gevolg is van een veranderde omstandigheid.