ECLI:NL:RVS:2023:4824
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tijdelijke bescherming vreemdeling op grond van EU-richtlijn
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft bij besluit van 30 augustus 2023 bepaald dat het recht op tijdelijke bescherming, gebaseerd op Richtlijn 2001/55/EG en het Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/382, voor de vreemdeling eindigt. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die dit beroep op 7 november 2023 ongegrond verklaarde. Vervolgens stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Raad van State en verzocht om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat een nader onderzoek naar de gronden van het hoger beroep noodzakelijk is en besloot daarom een voorlopige voorziening te treffen. Dit houdt in dat de vreemdeling voorlopig wordt behandeld alsof het recht op tijdelijke bescherming nog steeds van toepassing is.
Daarnaast veroordeelde de voorzieningenrechter de staatssecretaris tot vergoeding van de proceskosten die de vreemdeling heeft gemaakt, ter hoogte van € 837,00, welke geheel toe te rekenen zijn aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand. De uitspraak werd op 28 december 2023 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De vreemdeling wordt voorlopig behandeld alsof het recht op tijdelijke bescherming blijft gelden en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.