ECLI:NL:RVS:2023:978
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen beëindiging opvang vreemdeling na afwijzing verblijfsvergunning
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 28 juli 2022 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die dit op 10 februari 2023 ongegrond verklaarde. Tegen deze uitspraak stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De vreemdeling verzocht tevens om een voorlopige voorziening om te voorkomen dat de opvang per 13 maart 2023 zou worden beëindigd. Omdat de noodzakelijke stukken voor de beoordeling van het hoger beroep nog niet waren ontvangen, besloot de voorzieningenrechter bij wijze van ordemaatregel de opvang niet te beëindigen tot ontvangst van de stukken.
Daarnaast werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van € 837,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand. De uitspraak werd uitgesproken op 10 maart 2023 door voorzieningenrechter J.M. Willems in aanwezigheid van griffier L.S. van den Oosterkamp.
Uitkomst: De voorzieningenrechter treft een voorlopige voorziening waardoor de opvang niet wordt beëindigd op 13 maart 2023 en veroordeelt de staatssecretaris tot vergoeding van proceskosten.