ECLI:NL:RVS:2024:1956
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. ten Veen
- R. Uylenburg
- G.T.J.M. Jurgens
- Rechtspraak.nl
Veroordeling college GS Overijssel tot vergoeding proceskosten in bestuursrechtelijke procedure
In deze bestuursrechtelijke procedure hebben de Stichtingen het college van gedeputeerde staten van Overijssel succesvol bestreden over een besluit van 10 maart 2020. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft in eerdere uitspraak van 6 december 2023 het besluit vernietigd en het hoger beroep van de Stichtingen gegrond verklaard.
De Stichtingen vorderden vervolgens vergoeding van de door hen gemaakte proceskosten in bezwaar, beroep en hoger beroep. De Afdeling heeft het college in de gelegenheid gesteld te reageren en heeft het verzoek inhoudelijk beoordeeld. Vergoeding van kosten in bezwaar werd afgewezen omdat het bestreden besluit niet werd herroepen wegens aan het college te wijten onrechtmatigheid.
Voor de kosten in beroep en hoger beroep werd een vergoeding toegekend, met uitzondering van reiskosten van meerdere personen, waarvoor slechts vergoeding voor één vertegenwoordiger werd toegekend. De Stichtingen voerden aan dat het forfaitaire vergoedingenstelsel niet verenigbaar zou zijn met het EVRM en EU-Handvest, maar dit werd verworpen.
Ook werd geoordeeld dat er geen bijzondere omstandigheden waren voor een hogere vergoeding dan het forfait. Het college werd veroordeeld tot vergoeding van € 4.046,10 aan proceskosten, waarvan € 3.937,50 voor rechtsbijstand door een derde partij.
Uitkomst: Het college van gedeputeerde staten van Overijssel is veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan de Stichtingen tot een bedrag van € 4.046,10.