ECLI:NL:RVS:2024:2084
Raad van State
- Hoger beroep
- J. Schipper-Spanninga
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bewaring vreemdeling en afwijzing hoger beroep
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid stelde de vreemdeling op 15 januari 2024 in bewaring. De rechtbank verklaarde het door de vreemdeling ingestelde beroep tegen deze bewaring op 29 januari 2024 ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af.
De vreemdeling stelde hiertegen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling oordeelt dat het hoger beroep geen nieuwe rechtsvragen bevat die in het belang van rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming beantwoord moeten worden. Tevens is de rechtsvraag omtrent de redelijke termijn voor uitzetting reeds eerder door de Afdeling beantwoord.
De Afdeling ziet geen reden om de bewaring onrechtmatig te achten en verklaart het hoger beroep ongegrond. De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd en de staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de bewaring van de vreemdeling bevestigd.