ECLI:NL:RVS:2024:2407
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen intrekking toevoeging rechtsbijstand na echtscheidingsprocedure
In deze zaak gaat het om de intrekking van een toevoeging rechtsbijstand na een echtscheidingsprocedure. De raad voor rechtsbijstand had de toevoeging ingetrokken omdat het resultaat van de zaak het drempelbedrag van €12.500,00 zou overschrijden. De rechtbank verklaarde het beroep van de wederpartij gegrond en vernietigde het besluit van de raad, omdat de raad onvoldoende onderzoek had gedaan naar het werkelijke resultaat van de procedure.
De raad stelde in hoger beroep dat het resultaat moet worden vastgesteld op basis van de feitelijke keuze van partijen en het bedrag dat rechtzoekende daadwerkelijk heeft ontvangen, namelijk €10.500,00. De Raad van State oordeelt dat de raad voldoende onderzoek heeft gedaan en dat het besluit zorgvuldig is genomen. De rechtbank heeft ten onrechte een uitgebreidere verificatie geëist.
De Raad van State vernietigt daarom het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep van de wederpartij ongegrond, waardoor de toevoeging met kenmerk 1HQ0489 in stand blijft.
Uitkomst: De Raad van State vernietigt het vonnis van de rechtbank en verklaart het hoger beroep van de raad gegrond, waardoor de toevoeging in stand blijft.