ECLI:NL:RVS:2024:2474
Raad van State
- Hoger beroep
- J.C.A. de Poorter
- J.Th. Drop
- A. Kuijer
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing verblijfsdocument voor moeder Unieburger na meerderjarigheid referent
De vreemdeling, moeder van een Nederlandse Unieburger, vroeg om afgifte van een verblijfsdocument op grond van artikel 9, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000. De staatssecretaris wees de aanvraag af omdat de referent tijdens de aanvraagprocedure meerderjarig werd en het arrest Chavez-Vilchez niet van toepassing zou zijn. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in en betoogde dat de rechtbank een onjuiste uitleg gaf aan eerdere uitspraken van de Afdeling. De Afdeling oordeelde dat het peilmoment voor het afgeleid verblijfsrecht niet de leeftijd van de referent bij de aanvraag is, maar dat het rechtmatig verblijf ten tijde van de minderjarigheid moet worden beoordeeld.
De Afdeling vernietigde de uitspraak van de rechtbank en wees de zaak terug omdat de rechtbank de beroepsgronden niet volledig had behandeld en de zittingsaantekeningen ontbraken. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Hoger beroep gegrond verklaard, uitspraak rechtbank vernietigd en zaak terugverwezen voor verdere behandeling.