ECLI:NL:RVS:2024:2601
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek tot wijziging aandachtsvestiging politiegegevens
Op 10 december 2021 wees de korpschef van politie het verzoek van appellant af om een aandachtsvestiging in het politiesysteem te wijzigen of te verwijderen. Deze aandachtsvestiging verplicht appellant om al het contact met de politie via één contactpersoon te laten verlopen en alleen via deze contactpersoon aangifte te doen. Appellant stelde dat dit beleid hem onterecht belemmert in het doen van aangifte van strafbare feiten tegen hem.
De rechtbank Midden-Nederland verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat de korpschef voldoende had toegelicht dat de aandachtsvestiging noodzakelijk is voor de dagelijkse politietaak. Appellant stelde in hoger beroep dat de rechtbank ten onrechte de omvang van het geschil had beperkt en niet had beoordeeld of de politiegegevens over het telefoongesprek van 19 november 2021 correct waren opgenomen.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State overwoog dat de bestuursrechter zich moet beperken tot het bestreden besluit en dat de rechtbank terecht alleen de rechtmatigheid van de aandachtsvestiging heeft beoordeeld. Het verzoek om de politiemutaties toe te voegen aan het dossier was niet relevant voor de beoordeling van het besluit. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het verzoek tot wijziging van de aandachtsvestiging wordt bevestigd.