ECLI:NL:RVS:2024:2685
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.M. Kaajan
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen kosten bestuursdwang voor verkeerd aangeboden huisvuil in Den Haag
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag heeft op 4 september 2023 spoedeisende bestuursdwang toegepast door een doos te verwijderen die naast een aangewezen inzamelvoorziening op de Jan Bronnerkade was aangetroffen. De doos droeg een adreslabel met de naam en adresgegevens van appellant, die niet betwist dat de doos van hem afkomstig is, maar stelt dat hij de doos niet naast de container heeft geplaatst. Volgens appellant bleef de doos steken in het deksel van de container, dat wel sloot maar blokkeerde.
Het college heeft appellant verantwoordelijk gehouden voor het verkeerd aanbieden van huisvuil, omdat het de doos niet volledig in de container was gedeponeerd, waardoor het risico bestond dat anderen het verkeerd zouden aanbieden. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt dat appellant het risico heeft genomen door de doos niet correct aan te bieden en dat het college terecht bestuursdwang heeft toegepast zonder eerst een waarschuwing te geven, gelet op het spoedeisende belang en de negatieve gevolgen van verkeerd aangeboden huisvuil.
Appellant voerde aan dat hij niet weet hoe hij de kosten van €199,57 moet betalen zonder in financiële problemen te komen. De Afdeling stelt dat dit geen reden is om de kosten niet aan appellant toe te rekenen en wijst erop dat het college een betalingsregeling kan treffen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het college hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep tegen het opleggen van kosten bestuursdwang wegens verkeerd aangeboden huisvuil wordt ongegrond verklaard.