ECLI:NL:RVS:2024:3469
Raad van State
- Hoger beroep
- M. den Heyer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van grensdetentie voor Russische transgender vreemdeling zonder bijzondere omstandigheden
Bij besluit van 23 juni 2024 legde de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een vrijheidsontnemende maatregel op aan een Russische transgender vreemdeling. De rechtbank Den Haag verklaarde het daarop ingestelde beroep ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af. De vreemdeling stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft het hoger beroep beoordeeld en geoordeeld dat de rechtbank op juiste wijze heeft getoetst of de minister bij het opleggen van de grensdetentie rekening heeft gehouden met bijzondere individuele omstandigheden die de vrijheidsontneming onevenredig bezwarend zouden maken. De minister heeft dit ontkennend kunnen beantwoorden.
De Raad van State vond geen aanleiding om het besluit onrechtmatig te achten en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Tevens werd bepaald dat de minister geen proceskosten hoeft te vergoeden. Het hoger beroep is daarmee ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep tegen de grensdetentie wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.