ECLI:NL:RVS:2024:3470
Raad van State
- Hoger beroep
- M. den Heyer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank over oplegging grensdetentie aan Russische transgender vreemdeling
Bij besluit van 23 juni 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd aan een Russische transgender vreemdeling. De rechtbank Den Haag verklaarde het beroep tegen deze maatregel ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af.
De vreemdeling stelde in hoger beroep dat bijzondere individuele omstandigheden niet voldoende waren beoordeeld, waardoor de vrijheidsontneming onevenredig bezwarend zou zijn. De Raad van State oordeelt echter dat de rechtbank de minister op juiste wijze heeft getoetst en dat het oordeel dat geen bijzondere omstandigheden aanwezig zijn, terecht is.
Het hoger beroep bevat geen vragen die van belang zijn voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of algemene rechtsbescherming, zodat verdere motivering niet vereist is. De Afdeling bestuursrechtspraak ziet ook ambtshalve geen reden om de grensdetentie onrechtmatig te achten.
De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd en de minister hoeft geen proceskosten te vergoeden. De zaak is daarmee definitief beslecht.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de rechtmatigheid van de grensdetentie en verklaart het hoger beroep ongegrond.