ECLI:NL:RVS:2024:3537
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- M. den Heyer
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen beëindiging verstrekkingen vreemdeling in hoger beroep
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 2 december 2022 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. Dit besluit werd aangevuld op 12 december 2022. De vreemdeling stelde beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 2 augustus 2024 het beroep ongegrond verklaarde. Tegen deze uitspraak stelde de vreemdeling hoger beroep in en verzocht tegelijkertijd om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat vanwege het feit dat de termijn voor het instellen van hoger beroep nog niet was verstreken, het passend was om bij wijze van ordemaatregel een voorlopige voorziening te treffen. Deze voorziening houdt in dat de voorgenomen beëindiging van verstrekkingen op 31 augustus 2024 achterwege blijft totdat de termijn is verstreken en een definitieve uitspraak kan volgen.
Daarnaast werd de minister van Asiel en Migratie veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling, ter hoogte van € 875,00, die volledig toe te rekenen zijn aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand. De uitspraak werd gedaan op 28 augustus 2024 door voorzieningenrechter M. den Heyer.
Uitkomst: De voorzieningenrechter treft een voorlopige voorziening die de beëindiging van verstrekkingen op 31 augustus 2024 tegenhoudt en veroordeelt de minister tot vergoeding van proceskosten.