ECLI:NL:RVS:2024:357
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit gemeente Zevenaar over bestemmingsplan wijziging lintbebouwing
De gemeente Zevenaar wees het verzoek van appellant af om de agrarische bestemming van een perceel in Babberich te wijzigen in een woonbestemming met twee extra woningen, behoudens de voormalige bedrijfswoning. De raad was niet overtuigd dat de nieuwe bebouwing als lintbebouwing moest worden gerealiseerd en stelde het bestemmingsplan niet vast.
Appellant voerde aan dat de ontwikkeling paste binnen het ruimtelijke beleid van de Nota Ruimtelijke Kwaliteit van de gemeente Zevenaar, die de lintbebouwing aan de betreffende locatie wil behouden. Volgens appellant had de raad onvoldoende gemotiveerd waarom hij wilde afwijken van dit beleid en had de raad geen eigen belangenafweging gemaakt.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de raad in beginsel gehouden is aan het eigen vastgestelde beleid, maar hiervan kan afwijken mits dit deugdelijk wordt gemotiveerd. De raad had echter alleen aangegeven dat onvoldoende was aangetoond waarom aan lintbebouwing moest worden vastgehouden en dat de nota ruimte zou moeten bieden voor een uitzondering, zonder nadere motivering. Dit was onvoldoende.
De Afdeling verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het besluit van 23 november 2022 en veroordeelde de raad tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De zaak werd behandeld door de enkelvoudige kamer onder leiding van C.J. Borman.
Uitkomst: Het besluit van de gemeente Zevenaar om het bestemmingsplan niet vast te stellen is vernietigd wegens onvoldoende motivering.