ECLI:NL:RVS:2024:4195
Raad van State
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroep tegen niet tijdig genomen besluit vernietiging persoonsgegevens
Het hoger beroep betreft een zaak waarin appellant bezwaar maakte tegen het niet tijdig nemen van een besluit door de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport op zijn verzoek van 28 oktober 2020 om vernietiging van persoonsgegevens.
De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep niet-ontvankelijk omdat zij oordeelde dat de minister reeds een besluit had genomen, namelijk de brief van 22 januari 2021 waarin het verzoek werd afgewezen.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State bevestigt deze uitspraak. De brief van de minister wordt aangemerkt als een besluit dat het verzoek afwijst, waardoor geen sprake is van een niet tijdig genomen besluit. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond omdat de minister tijdig heeft besloten op het verzoek tot vernietiging van persoonsgegevens.