ECLI:NL:RVS:2024:4368
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaard beroep tegen spoedeisende bestuursdwang inzake verkeerd aangeboden huishoudelijk afval
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag heeft op 12 oktober 2023 spoedeisende bestuursdwang toegepast door het verwijderen van een doos die naast een ondergrondse restafvalcontainer was geplaatst. Het college stelde dat appellant deze doos onjuist had aangeboden in strijd met de Afvalstoffenverordening 2010, omdat zijn naam en adres op het adreslabel stonden.
Appellant betwistte dit en verklaarde dat hij de doos op woensdagavond had neergezet met de intentie deze de volgende dag als grofvuil aan te bieden, waarvoor hij een melding op de gemeentelijke website had gedaan. Het college kon dit niet aannemelijk maken en stelde dat het niet was toegestaan de doos naast de container te plaatsen, ook niet vanwege de grootte van de doos.
Het college beriep zich op een spoedeisend belang om vervuiling en overlast te voorkomen en handhaafde het besluit tot bestuursdwang zonder voorafgaande waarschuwing. De Raad van State oordeelde dat het college terecht heeft gehandeld en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot spoedeisende bestuursdwang wegens verkeerd aanbieden van afval is ongegrond verklaard.