ECLI:NL:RVS:2024:4377
Raad van State
- Hoger beroep
- P.H.A. Knol
- J.M.L. Niederer
- M.M. Kaajan
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhavingsbesluit terreinverharding en woninggebruik na splitsing woonboerderij
Het college van burgemeester en wethouders van Boxtel wees verzoeken om handhaving af tegen het gebruik van percelen in Liempde, waaronder de bewoning van een gesplitste woonboerderij en het aanbrengen van een terreinverharding zonder vergunning.
De rechtbank oordeelde dat de bewoning door meer dan één huishouden een overtreding vormde, de paardenbak niet als zodanig kwalificeerde, het houden van paarden agrarisch grondgebruik was en de terreinverharding zonder vergunning was aangebracht. De rechtbank verklaarde het beroep van de familie ongegrond en dat van de buurvrouw deels gegrond.
In hoger beroep betwistten de appellanten het oordeel over terreinverharding en het vertrouwensbeginsel, maar de Afdeling bestuursrechtspraak bevestigde dat de vergunning voor de uitweg niet tevens een vergunning voor de verharding inhield. Ook werd geoordeeld dat de buurvrouw geen belanghebbende was bij handhaving van het prieel en dat het houden van paarden agrarisch gebruik betrof.
Ten slotte oordeelde de Afdeling dat de splitsing van de woonboerderij met vergunning is toegestaan, waardoor geen sprake is van een overtreding van het bestemmingsplan. Het beroep tegen het besluit van 2 november 2023 is daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt het handhavingsbesluit en verklaart het beroep tegen het besluit van 2 november 2023 ongegrond.