ECLI:NL:RVS:2024:4413
Raad van State
- Herziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot herziening bestuursrechtelijke uitspraak vreemdelingenrecht
Verzoeker, een vreemdeling, heeft bij brief van 25 oktober 2024 verzocht om herziening van de uitspraak van de voorzieningenrechter van dezelfde Afdeling van 25 oktober 2024 (ECLI:NL:RVS:2024:4337). Dit verzoek is ingediend op grond van artikel 8:119 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb), dat herziening mogelijk maakt bij nieuwe feiten of omstandigheden.
De Afdeling bestuursrechtspraak heeft beoordeeld of de verzoeker nieuwe feiten of omstandigheden heeft aangevoerd die rechtvaardigen dat de onherroepelijk geworden uitspraak wordt herzien. De Afdeling concludeert dat dergelijke nieuwe feiten of omstandigheden niet zijn aangevoerd.
Daarom wordt het verzoek tot herziening afgewezen. Tevens wordt bepaald dat de minister geen proceskosten hoeft te vergoeden. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer, onder voorzitterschap van C.M. Wissels, in aanwezigheid van griffier J.W. Prins, en is uitgesproken in het openbaar op 31 oktober 2024.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening van de bestuursrechtelijke uitspraak wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.