ECLI:NL:RVS:2024:4667
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Opheffing voorlopige voorziening en verlening omgevingsvergunning voor dakkapellen achtergevel
Het college van burgemeester en wethouders van Zaanstad weigerde een omgevingsvergunning voor twee boven elkaar geplaatste dakkapellen in het achterdakvlak van een woning in Assendelft, omdat dit volgens het college in strijd was met het bestemmingsplan "Saendelft". De rechtbank Noord-Holland verklaarde het bezwaar van de wederpartij gegrond, vernietigde het besluit van het college en beval verlening van de vergunning.
Het college stelde hoger beroep in en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening, waarbij de rechtbankuitspraak werd geschorst. De voorzieningenrechter heeft nu de schorsing opgeheven en geoordeeld dat het college de vergunning moet verlenen, omdat de wederpartij heeft toegezegd niet te zullen bouwen voordat de bodemprocedure is afgerond en het belang van de wederpartij bij duidelijkheid zwaarder weegt dan het belang van het college.
De voorzieningenrechter benadrukte dat het oordeel voorlopig is en dat de juridische vragen in de bodemprocedure worden behandeld. Tevens is bepaald dat de opheffing van de voorlopige voorziening ingaat op 16 december 2024, zodat het college voldoende tijd heeft om de vergunning te verlenen. Het college is veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de wederpartij.
Uitkomst: De voorlopige voorziening wordt opgeheven en het college moet de omgevingsvergunning verlenen.