ECLI:NL:RVS:2024:4728
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep tegen weigering omgevingsvergunning muurdoorbraak Utrecht
Het college van burgemeester en wethouders van Utrecht weigerde op 27 januari 2021 een omgevingsvergunning voor een muurdoorbraak en verplaatsing van een tuindeur. De rechtbank oordeelde dat deze weigering onrechtmatig was omdat geen weigeringsgronden aanwezig waren en stelde dat de vergunning van rechtswege was verleend. Het college nam daarop een nieuw besluit waarin alsnog vergunning werd verleend, maar betwistte dat sprake was van een vergunning van rechtswege.
Het college stelde hoger beroep in tegen de uitspraak van de rechtbank, maar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State concludeerde dat het college onvoldoende procesbelang had bij het hoger beroep. Het college had immers het nieuwe besluit genomen dat het oorspronkelijk had moeten nemen en erkende dat geen strijd met het bestemmingsplan bestond.
De Afdeling stelde vast dat geen van de partijen bezwaar maakte tegen het nieuwe besluit en dat het hoger beroep daarom niet-ontvankelijk is. Tevens werd een griffierecht van €548 opgelegd aan het college. Hiermee is het geschil definitief beslecht zonder inhoudelijke beoordeling van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hoger beroep van het college is niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang.